Woede en verdriet
Over PTSS-woede, rouw en wat er gebeurt als emoties je soms vóór zijn
Er wordt vaak gedaan alsof emoties netjes te
rangschikken zijn. Alsof verdriet zacht is en woede hard.
Alsof je het ene mag voelen en het andere beter kunt beheersen. Maar zo werkt het niet, tenminste, niet voor mij.
Sinds mijn diagnose en behandeling van baarmoederhalskanker merk ik dat woede en verdriet in elkaar overlopen. Ze houden zich niet aan een volgorde. Ze komen niet aangekondigd. En steeds vaker heb ik het gevoel dat het míj overkomt, in plaats van andersom.
Verdriet gaat bij mij over wat ik ben
kwijtgeraakt. Het vertrouwen in mijn lichaam is weg. De vanzelfsprekendheid van gezondheid. Het idee dat je plannen kunt maken zonder kleine lettertjes.
Dat verdriet is niet luid. Het is traag. Het blijft liggen onder de oppervlakte, ook op dagen dat het ogenschijnlijk goed gaat.
De woede komt soms ineens, onverwacht snel en harder dan ik van mezelf ken. Niet als een bewuste reactie, maar als iets lichamelijks. Sneller dan mijn hoofd kan bijhouden. Op momenten waarop ik achteraf denk: dit stond niet in verhouding.
Dat is geen onwil of onmacht. Dat is PTSS.
Mijn zenuwstelsel reageert alsof er opnieuw gevaar dreigt, terwijl dat rationeel niet zo is. Het is geen keuze en geen karaktertrek. Het is een reflex die zich aandient voordat ik mezelf kan bijsturen.
Wat hierna vaak volgt, is verdriet. Verdriet omdat ik zo heftig reageerde, omdat ik mezelf niet herken in die felheid en omdat ik iemand werd die ik niet wíl zijn.
Dat tweede deel — het verdriet ná de woede — is
minstens zo zwaar. Daar zit schaamte. Onbegrip. Vermoeidheid.
En opnieuw de vraag: waar is de versie van mij
die dit allemaal beter in de hand had?
Rouw en trauma lopen door elkaar. Heel langzaam begrijp ik dat dit geen losstaande emoties zijn. De rouw om wat verloren ging en de PTSS-reacties uit machteloosheid lopen door elkaar heen. Ze versterken elkaar. Ze wisselen elkaar af. Soms in minuten. Dat maakt het verwarrend, maar ook menselijk.
Ik leer dat PTSS-woede geen gebrek aan dankbaarheid is en rouw geen teken dat het “niet goed gaat”. Het zijn reacties op iets ingrijpends. Op een periode waarin mijn lichaam te vaak niet van mij was.
Misschien hoeft het niet opgelost en hoeft het alleen (h)erkend. Woede en verdriet kennen geen scheidingslijn. En als ik eerlijk ben: misschien is dat precies wat ik nu leer, het verdragen.
"Verdriet verandert je niet, het onthult je" (John Green)

Reacties
Een reactie posten